Onafhankelijke Derivatencommissie

Over ons

 

Aanleiding

De Autoriteit Financiële Markten (AFM) heeft vastgesteld dat verschillende banken bij het adviseren over en het aangaan van derivatencontracten de belangen van mkb-klanten onvoldoende in acht hebben genomen. Als gevolg daarvan zijn de banken derivatencontracten aangegaan op grond waarvan mkb-klanten nadeel (hebben) kunnen ondervinden. Banken zijn in 2014 gestart met interne herbeoordeling van derivatencontracten onder toezicht van de AFM. Naar het oordeel van de AFM zijn de hieraan verbonden pogingen om de geconstateerde problemen te verhelpen ontoereikend gebleken.

Opdracht en werkwijze

Tegen deze achtergrond heeft minister Dijsselbloem van Financiën op advies van de AFM drie deskundigen aangesteld om een uniform herstelkader overeen te komen met de banken. De deskundigen (Ben Knüppe, Theo Kocken en Rutger Schimmelpenninck) vormen de onafhankelijke derivatencommissie. Het herstelkader bepaalt hoe herbeoordelingen moeten worden uitgevoerd en welke eventuele herstelacties moeten worden uitgevoerd om schade te compenseren en te voorkomen. Bij de totstandkoming van het herstelkader hebben de deskundigen de inbreng van verschillende belanghebbenden van groot belang geacht voor het slagen van hun opdracht. In dit kader is de derivatencommissie gericht met mkb’ers, hun belangenbehartigers en banken in gesprek gegaan om de problematiek vanuit verschillende perspectieven te benaderen.

Publicatie herstelkader

Op 5 juli 2016 heeft de derivatencommissie het herstelkader gepubliceerd. Rabobank, ABN AMRO, ING, SNS, Van Lanschot en Deutsche Bank nemen deel aan het herstelkader. Het herstelkader richt zich met name op de kleine tot middelgrote mkb’er en de daarbij behorende omvang van de leningen en rentederivaten. Het herstel voorziet in het doorlopen van de volgende stappen:

Stap 1: Voor zover zeer complexe (‘exotische’) derivaten niet geschikt zijn voor de mkb-klant worden deze gecompenseerd door de deelnemende banken.

Stap 2: De deelnemende banken compenseren mkb-klanten voor zover rentederivaten niet aansluiten bij de onderliggende leningen.

Stap 3: De deelnemende banken bieden mkb-klanten een coulancevergoeding aan. Deze vergoeding bedraagt ongeveer 20% van de rente die de mkb-klant per saldo onder een renteswap aan de bank heeft betaald en naar verwachting nog zal betalen. De vergoeding heeft een maximum van EUR 100.000 per mkb-klant.

Stap 4: Onverwachte verhogingen van renteopslagen aan mkb-klanten met een financiering in combinatie met een renteswap worden volledig vergoed.

Pilot-fase

Vanaf de publicatie van het herstelkader op 5 juli 2016 wordt de uitvoering van het herstelkader voorbereid in een zogeheten “pilot-fase”. De deelnemende banken bezien in deze pilot-fase samen met de derivatencommissie, de AFM en externe dossierbeoordelaars welke stappen moeten worden ondernomen om het herstelkader uit te voeren. De derivatencommissie werkt het herstelkader gedurende de pilot-fase nader uit en verduidelijkt het herstelkader waar nodig.

Afronding herstelkader medio december 2016 (geplaatst 15 november 2016)

De derivatencommissie heeft in de periode juli - november 2016 constructief contact gehad met banken, klantvertegenwoordigers, externe dossierbeoordelaars en de AFM over het herstelkader. Deze betrokken partijen hebben de derivatencommissie veel vragen gesteld over de uitleg en uitvoering van het herstelkader. De contacten met betrokkenen en de vragen zijn erop gericht om het herstelkader te verduidelijken en de uitvoering van het herstelkader in het belang van de klant zo efficiënt mogelijk te laten verlopen. Inmiddels verwacht de derivatencommissie dat het herstelkader medio december 2016 kan worden afgerond. Dit is later dan in juli voorzien, maar is nodig om tot een goed uitvoerbaar herstelkader te komen. De derivatencommissie benadrukt dat in de pilot-fase de uitleg en de uitvoering van het herstelkader centraal staan – de centrale uitgangspunten van het herstelkader staan niet ter discussie. De derivatencommissie streeft ernaar het herstelkader zodanig uit te werken en van bijlagen (met onder andere voorbeeldberekeningen) te voorzien dat het herstelkader eenduidig kan worden uitgevoerd.

Uitvoering

Na afloop van de pilot-fase zullen de deelnemende banken de dossiers van hun mkb-klanten met rentederivaten beoordelen aan de hand van het herstelkader. De herbeoordeling wordt door externe dossierbeoordelaars gecontroleerd en staat onder toezicht van de AFM. Dossiers van kwetsbare mkb’ers worden eerst beoordeeld. Mkb’ers kunnen met vragen over de uitvoering van het herstelkader in een individueel geval bij de desbetreffende bank terecht. In een aantal gevallen kunnen mkb-klanten een verzoek tot bindend advies indienen bij de derivatencommissie.